[32] HELP! Mijn paard wil alleen maar gras eten!

Een zeer herkenbare én vervelende situatie wanneer we met onze geliefde viervoeters de bospaden willen verkennen. Je paard sleurt je met volle kracht naar al het sappige groen, om er vervolgens met geen mogelijkheid meer vanaf te komen. Trekken, sleuren, schoppen en duwen… Die 650 kg krijg je niet meer van zijn of haar plekje.

Superirritant, dus je bedenkt; ‘dit is de laatste keer dat ik hem/haar deze kans geef. De volgende keer gaat direct de zweep erover als ik de kleinste intentiebeweging naar het gras zie…’

Sleutel tot succes; zie het als training!

Maar, wat gebeurt er nou als je hier daadwerkelijk tijd en geduld in investeert? En hard aan de slag gaat met zowel een release cue als een cue voor weer vertrekken? Ik heb hier zelf de afgelopen tijd hard aan gewerkt met Azumar (al zijn wij nog niet 100% bij het honk waar ik graag wil hoor), dus wil graag met jullie delen hoe ik dit heb aangepakt! Wie weet heb je wel wat aan mijn visie en tips.

En het mooie is: dit doen we helemaal zonder druk! De oefeningen die ik in podcast #32 bespreek, vergen geen enkele vorm van R-/pressure release, zodat het jij en je paard zo min mogelijk frustratie zullen ervaren.

Omdat niet iedereen houdt van podcasts, heb ik mijn hersenspinsels ook uitgewerkt tot blog. Lees dus snel verder als je jullie graas-probleem wil gaan tackelen. Vind hieronder duidelijke punten die jij kan gaan gebruiken in de praktijk!

1. Consequent met cues

Voor de hand liggend… je signalen naar je paard dien je duidelijk te communiceren. Zelf kies ik voor het woordje ‘toe maar’ wanneer Azumar mag grazen, en een voorwaarts signaal zoals ‘voorwaarts’ of ‘stap’ als ik weer verder wil. Je bent hierin vrij te kiezen wat je wil, zolang het maar duidelijke klanken heeft die je paard makkelijk kan herkennen.

Belangrijk hierbij is om te beseffen dat consequent en streng niet hetzelfde zijn. Onder streng valt namelijk ook ‘niet toegeven’ en ‘weinig vrijheid geven’, en dat is wellicht een beetje een onvriendelijke manier om met je paard bezig te zijn. Zeker bij Connectie & Cadans wordt veel waarde gehecht aan #positiviTIJD en autonomie van het paard (en woordkeuze). In dit geval betekent consequent zijn dus dat je iets één betekenis geeft en hierdoor overzicht biedt aan je paard. Een betekenis van consequent zou zijn: ‘steeds op eenzelfde manier’ en ‘volgens een vast plan, op dezelfde manier als eerder/consistent’. Dit maakt het voor je paard en jou dus juist prettig, want associaties worden sneller gevormd! In ieder geval in deze aanleerfase, waar verwarring juist frustratie kan gaan geven.

2. Gebruik een (hand)target

Omdat je wil dat je paard nadat hij/zij het gras op is gegaan, ook weer vrijwillig met je meegaat – zonder dus met volle kracht aan het touw te gaan hangen, is het handig om te experimenteren met een target. Een gele, blauwe of spierwitte target aan een stok is hiervoor het makkelijkste. Uiteindelijk kan je simpelweg je hand gebruiken als target en hier de cue naar overzetten (slim! Minder gedoe).

Bied deze target aan op een plek waarvan je 100% zeker weet dat je paard dit makkelijk kan zien en aanraken. Het moet een makkelijke opdracht zijn, omdat je paard er wel de moeite voor moet (willen) doen om zijn/haar hoofd van het gras af te halen – al is het maar voor één seconde. Bijvoorbeeld 15 cm naast de neus, op de grond. Beloon je paard rijkelijk en gebruik hoogwaardige en flinke beloningen. Logischerwijze (zoals bij alle trainingen), raad ik je aan een marker te gebruiken, zoals een woordje of tongklik. Als je paard wel de target vluchtig aanraakt, maar na de target snel weer het gras induikt, kan je de beloning (denk aan een stukje venkel of een handje haycobs) naast het paard strooien. Je zou ook een klein voerbakje kunnen gebruiken die het paard herkent van training, zodat het paard letterlijk de neus uit het gras moet halen om de hoogwaardige beloning te pakken! Als het paard deze beloning waardig genoeg vindt, kan je een verband gaan leggen met deze cue. Zo kan je uiteindelijk dus gaan opbouwen met de cue en target. De target kan je verder weg houden en zo steeds vloeiender met je paard weglopen.

Let er dus wel op: gras is zo ongeveer de crème de la crème voor paarden. Zeker de paarden die beperkte tijd op grasland staan. Het kan lastig zijn om iets te vinden dat je paard tussendoor van je wil aannemen. Zoek dat dus grondig uit.

3. Gun je paard een verzadigd gevoel

Als je zonder frustratie van rukken en plukken je paard mee wil krijgen, is het uitermate belangrijk te beseffen dat een paard meer dan een paar minuten moet grazen om verzadigd te raken. Zoals hierboven al benoemd geldt dit zeker als je paard ’s winters niet op het land kan. Wil je succes behalen? Neem dan ruim genoeg de tijd! Laat je paard daadwerkelijk 10-30 minuten grazen. Want als je paard telkens maar twee minuten mag eten, kan ik je verzekeren dat dit paard een associatie gaat leggen en des te meer gaat trekken en stoïcijns door blijft eten; uit schaarste dus!

Verzeker je paard dat je hem/haar daar niet zomaar wegtrekt. Hapje stapje is zeer natuurlijk gedrag voor een paard. Maak daar dus gebruik van. Je merkt na een tijdje waarschijnlijk dat je paard wil verplaatsen en steeds wat meer pasjes gaat lopen. Van haastig happen naar rustig kauwen en een ontspannen gezicht. Zeker als je graast op een beperkt stuk zoals een bospad. Op zo’n moment kan je hier dus gebruik van maken, omdat het paard al meer de intentie heeft om te bewegen en niet vastgeroest met zijn/haar hoofd in het gras staat. Deze situatie in jullie voordeel gebruiken is onderdeel van je paard opzetten voor succes. Doe dit dus ook zeker!

Wanneer je paard zo zoet is om voor een beloning met jou mee te stappen, is het prettig om je paard ook weer te laten zien dat hij/zij weer toegang krijgt tot het gras. Anders leert je paard dat wanneer hij/zij meeloopt, de toegang tot gras stopt. Geloof mij maar; daar weegt geen wortel tegenop. Vraag je paard mee zoals onder punt 1 en 2 uitgelegd en stop daarna weer (willekeurig) voor een goede hap vers gras. Dit is voor het paard zeer overzichtelijk en controleerbaar. Laten die twee punten nou net heel belangrijk zijn voor ze. Je kan de interval steeds willekeuriger maken en je paard steeds makkelijker afstand laten doen als hij of zij leert dat het gras geen schatkist met reusachtig slot is.

4. Oefen op momenten dat je ontspannen bent

Altijd wel belangrijk natuurlijk en onderdeel van een succesvol plan. Zorg ervoor dat je ontspannen bent en tijd hebt. Ook je paard dient in een goede ‘headspace’ te zijn als je moeilijke dingen gaat oefenen. En weglopen van gras, dat is vaak wel lastig! Neem er dus de tijd voor (zeker wel 30 minuten), zodat je uiteindelijk niet alsnog aan het hoofd gaat sjorren – dat zou zonde zijn van jullie progressie.

Off-days hebben wij allemaal wel eens. En als ik heel eerlijk ben; dit zijn voor mij de ideale dagen om lekker met Azu te wandelen en te grazen. Maarrr! Let er wel op dat jij op zo’n moment wellicht minder geduld hebt en sneller fysiek wordt met je paard. Dat wil je natuurlijk voorkomen! Houd dit dus altijd zeer groot in je achterhoofd, als je het op je off-days wil doen. Misschien een mooie mindfulness oefening?

5. Beloon spontane momenten

Niet onbelangrijk gebleken, is het belonen van de eigen intentie van je paard om van het gras af te gaan. Dit hoef je in mijn ogen niet altijd te doen, maar als je paard een die-hard graseter is, kan het jullie proces wel makkelijker maken. Het zorgt voor een bepaalde activiteit van het paard waardoor het meer op jou let, zonder actief altijd maar wat van hem/haar te vragen. Komt je paard even bij jou neuzen op een moment dat je nog niet weg wilde gaan? Geef daar wat lekkers voor in ruil en laat je paard weer verder grazen. Zeker ook dat verder laten grazen bevestigd voor het paard dat je hem of haar niet áltijd maar wegsleurt van het gras. Wel zo handig, want anders doen ze dat in de toekomst natuurlijk helemaal niet meer.

Uiteraard zou je indirect de cue kunnen gaan koppelen aan deze momenten, ook zonder target. Net als dat je jouw paard leert liggen door zijn/haar spontane momenten te belonen. Het is alleen belangrijk dat je uiteindelijk een afsplitsing weet te maken zodat je paard snapt dat er een cue aan vastzit en je paard dus niet continu naar jou toe neigt (andere kant van het spectrum). Daarom vind ik een afwisselend beloningsschema na een aanleerfase zo belangrijk. Het gras mag gerust een hemel op aarde blijven; daar hoef jij als koekjesmachine zeker niet boven te staan.

6. Oefen op willekeurige plaatsen

Omdat paarden zoveel via verbanden leren, is het handig om deze verbanden slim aan te pakken. Als jij telkens weer hetzelfde stukje gebruikt om de release cue te oefenen (‘toe maar’), bestaat de kans dat je paard uiteindelijk zónder het signaal al gaat grazen; dat ene stukje associeert dat paard al met grazen. Er is een nieuw verband geschept, oeps. Dan ben je dus eigenlijk weer wat meer terug bij af…

Wissel daarom de plekken en duratie af waar je oefent. Je cues moeten voorspelbaar zijn (oorzaak > gevolg), niet de plekken per sé. Dat geeft JUIST frustratie. Frustratie is namelijk onderdeel van het woedesysteem, welke bij fysieke en mentale restrictie/ongemak wordt wakker geschud. Als jij continu je paard op hetzelfde punt laat grazen met oefenen, maar dan plots niet meer, snapt jouw paard dit niet meer. De verwachting van het paard is namelijk dat hij of zij daar mag grazen; hier wordt dopamine vrijgegeven door de hersenen (ZIN IN GRAS! JIPPIE), maar het uiteindelijke beloningshormoon (serotonine bijvoorbeeld) die het beloningssysteem reguleert, komt niet vrij. Dat is voor het paard niet prettig. Voorspelbaarheid kan daarom ook negatieve invloeden hebben op je paard. Het is om die reden belangrijk om op meerdere plekken te oefenen en dit af te wisselen. EN! Beloon je paard dan ook regelmatig voor het netjes volgen en niet naar het gras bewegen. Zo levert dit ook daadwerkelijk nog wat op.

7. Zet een training op, op gras

Als je in vrijheid wil trainen en optimaal gebruik wil maken van keuzevrijheid, kan je ervoor kiezen in een weide te trainen of in een bak waar wat gras aan de kantjes groeit. Ik bedoel dan ook echt het ‘gewone’ trainen, zoals gymnastische oefeningen of obstakeltraining. Wanneer jouw paard verkiest om met jou te werken, weet je dat het paard voldoende concentratie en een verzadigd gevoel heeft. Dit kan je weer makkelijk vertalen naar de wandelingen buiten. Eigenlijk is er dan niets nieuws aan de situatie; je paard is het immers gewend om met jou samen te werken onder de verleiding van gras!

Op de momenten dat je paard de oefening verlaat en gras gaat eten, kan je goed kijken of je paard bijvoorbeeld meer spanning ervaart of moe is. Welke signalen laat het paard zien? Draait je paard van je weg als je hun richting op loopt? Geef je paard de tijd en kijk of er na een tijdje weer mentale ruimte is om verder te gaan met jou.

TIP: een hooinetje ophangen aan de bak rand (als dit mag natuurlijk; wel harken daarna, haha) kan hetzelfde doen als er heel erg weinig gras groeit.

Heb jij de podcast al geluisterd?

Laat me weten of jij hier iets nuttigs uit hebt kunnen halen, onder de Spotify podcast of via Instagram. Ik ben ontzettend benieuwd hoe jij dit zo vriendelijk mogelijk met jouw paard aanpakt!

 

Volgende
Volgende

Podcast: Zet je paard op voor succes #31